ECLI:NL:CRVB:2019:3084
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen duurzaam gescheiden leven voor AOW-pensioenherziening
Appellanten, gehuwd en woonachtig op verschillende adressen, ontvingen een ouderdomspensioen voor een ongehuwde pensioengerechtigde. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) voerde een onderzoek uit naar hun woon- en leefsituatie en concludeerde dat zij niet duurzaam gescheiden leven, waarna het pensioen werd herzien naar dat van een gehuwde pensioengerechtigde.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellanten ongegrond, waarbij werd verwezen naar vaste rechtspraak over duurzaam gescheiden leven. Appellanten stelden in hoger beroep dat zij wel duurzaam gescheiden leven, maar de Raad volgde dit niet.
De Raad oordeelde dat het regelmatig contact tussen appellanten, het betalen van gezamenlijke kosten door appellant, het aanhouden van een gezamenlijke bankrekening en het feit dat appellant een sleutel van de woning van appellante heeft, niet passen bij duurzaam gescheiden leven. De toelichtingen van appellanten boden geen grond voor een ander oordeel. De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraken en herziening van het pensioen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellanten niet duurzaam gescheiden leven en wijzigt het AOW-pensioen dienovereenkomstig.