Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
€ 1.024,- in beroep en € 1.280,- in hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.
Centrale Raad van Beroep
Appellante stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV. Het UWV nam op 3 mei 2019 een gewijzigde beslissing op bezwaar die geheel tegemoetkwam aan de bezwaren van appellante. Vervolgens trok appellante het hoger beroep in en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Raad voor de Rechtspraak heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het hoger beroep gesloten. Op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht kan het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan bezwaren worden veroordeeld in de proceskosten.
De Raad veroordeelde het UWV in de proceskosten van appellante, begroot op € 1.024,- in beroep en € 1.280,- in hoger beroep, totaal € 2.304,-. Appellante kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen.
De uitspraak werd gedaan door J.P.M. Zeijen op 2 oktober 2019.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld in de proceskosten van appellante ter hoogte van € 2.304,- na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming aan bezwaren.