Uitspraak
19.711 AOW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- wijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam.
Centrale Raad van Beroep
Appellant had een aanvraag om een ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) ingediend, die door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) op 22 augustus 2017 werd afgewezen. Appellant diende bezwaar in en gaf een gemachtigde op via een formulier "Aanvraag hoorgesprek" met volmacht, die door de Svb op 28 december 2017 werd ontvangen.
Het bestreden besluit, een beslissing op bezwaar van 2 januari 2018, werd verzonden naar appellant in Marokko, maar niet aan de gemachtigde. Appellant stelde dat hij het besluit pas op 8 maart 2018 ontving. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn.
De Centrale Raad oordeelt dat het besluit niet op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt omdat het niet aan de gemachtigde is gestuurd, waardoor de beroepstermijn niet is aangevangen. Het beroep is daarom niet te laat ingediend en de niet-ontvankelijkverklaring door de rechtbank was onterecht. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling.
Er is geen aanleiding voor een inhoudelijk oordeel over het bestreden besluit of voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad vernietigt de uitspraak en wijst de zaak terug naar de rechtbank wegens onjuiste bekendmaking van het besluit.