Uitspraak
17.7414 WIA
OVERWEGINGEN
(besluit 2) heeft Uwv appellant een WGA-vervolguitkering toegekend met ingang van
Centrale Raad van Beroep
Appellant, laatstelijk werkzaam als warehouse operator, meldde zich ziek wegens psychische klachten en ontving een uitkering op grond van de Werkloosheidswet. Na diverse medische en arbeidskundige onderzoeken stelde het UWV vast dat appellant recht had op een WGA-vervolguitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 55 tot 65%.
Appellant stelde bezwaar en beroep in tegen dit besluit en voerde aan dat hij ernstiger beperkt was dan vastgesteld. Hij overhandigde een expertiserapport en een psychiatrisch intakeverslag ter onderbouwing van zijn standpunt en verzocht om inschakeling van een onafhankelijke deskundige.
De Raad oordeelde dat het UWV zorgvuldig medisch onderzoek had verricht en dat de Functionele Mogelijkhedenlijst van 31 augustus 2016 juist was vastgesteld. Het door appellant ingebrachte rapport was opgesteld ruim na de relevante periode en bevatte een waarschijnlijkheidsdiagnose die niet strookte met eerdere bevindingen. Bovendien bleek appellant rond die tijd betaalde werkzaamheden te verrichten, hetgeen niet was meegenomen in het rapport.
De Raad concludeerde dat er geen aanleiding was om te twijfelen aan de beoordeling van het UWV en dat de functies waarop de beoordeling was gebaseerd medisch geschikt waren voor appellant. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de toekenning van de WGA-vervolguitkering met een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65% wordt bevestigd.