ECLI:NL:CRVB:2019:3735
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning bijzondere bijstand in de vorm van een lening voor duurzame gebruiksgoederen
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor inrichtings- en stofferingskosten van zijn woning. Het college van burgemeester en wethouders van Hoorn kende hem een bedrag van € 2.000,- toe als lening voor woninginrichting en € 1.000,- om niet voor stoffering. Appellant gaf toestemming voor uitbetaling van de lening aan het Leger des Heils.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep is uitsluitend in geschil of het college redelijkerwijs kon besluiten de bijzondere bijstand als lening te verstrekken in plaats van een gift. De Centrale Raad van Beroep overweegt dat op grond van artikel 51 van Pro de Participatiewet het college een discretionaire bevoegdheid heeft om bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen als lening toe te kennen.
Het college handelde conform het beleid, dat voor woninginrichting een maximumbedrag van € 2.000,- als lening hanteert. De Raad oordeelt dat het ontbreken van informatie aan appellant over het leenkarakter en de terugbetalingsverplichting geen reden is om af te wijken van het beleid. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bestreden uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het college terecht bijzondere bijstand als lening heeft toegekend.