ECLI:NL:CRVB:2019:791

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
7 maart 2019
Publicatiedatum
12 maart 2019
Zaaknummer
15/7956 WIA-R
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie uitspraak Centrale Raad van Beroep inzake reiskostenvergoeding WIA

De Centrale Raad van Beroep heeft in deze uitspraak van 7 maart 2019 een rectificatie aangebracht op haar eerdere uitspraak van 12 december 2018 in zaaknummer 15/7956 WIA. De rectificatie betreft een kennelijke fout in de vergoeding van de reiskosten van appellant, welke op basis van openbaar vervoer tweede klas € 53,20 bedraagt en ten onrechte niet in de oorspronkelijke uitspraak was opgenomen.

Na constatering van deze fout heeft de Raad partijen schriftelijk in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken te reageren op het voorstel tot rectificatie. Beide partijen hebben binnen deze termijn geen bezwaar gemaakt tegen de voorgestelde correctie.

De Raad heeft daarom de uitspraak aangepast door in overweging 5 een zin toe te voegen waarin de reiskosten worden gespecificeerd: € 12,00 in beroep en € 41,20 in hoger beroep. Tevens is de proceskostenvergoeding vastgesteld op een totaalbedrag van € 4.418,15, waarbij het UWV wordt veroordeeld tot betaling van deze kosten aan appellant.

De rectificatie is openbaar uitgesproken en een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak is aan deze beslissing gehecht en zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

Uitkomst: De uitspraak van 12 december 2018 wordt gecorrigeerd door opname van de reiskostenvergoeding en bevestiging van de proceskostenvergoeding.

Uitspraak

15/7956 WIA-R
Datum uitspraak: 7 maart 2019
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 12 december 2018, 15/7956 WIA
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
de Staat der Nederlanden (Ministerie van Justitie en Veiligheid) (Staat)
PROCESVERLOOP
De Raad heeft, na hier door gemachtigde van appellant, mr. L.J. van der Veen, telefonisch op gewezen te zijn, vastgesteld dat de uitspraak van 12 december 2018 een kennelijke fout bevat. Het betreft de voor vergoeding in aanmerking komende reiskosten (op basis van openbaar vervoer 2e klas) van appellant van € 53,20. Deze kosten zijn ten onrechte niet in de uitspraak van 12 december 2018 opgenomen.
De Raad heeft daarom aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak. Dit is bij brief van 17 december 2018 aan partijen meegedeeld.
Partijen is in de brief van 17 december 2018 meegedeeld dat zij binnen vier weken kunnen reageren op deze brief. Daarbij is vermeld dat in het geval er binnen die termijn geen reactie wordt ontvangen, de Raad er dan vanuit gaat dat er geen bezwaar bestaat tegen verbetering van de uitspraak.
Beide partijen hebben binnen de gestelde termijn geen reactie gegeven.

OVERWEGINGEN

De Raad wijzigt de uitspraak van 12 december 2018 als volgt.
Aan overweging 5 wordt de volgende volzin te worden toegevoegd tussen volzin 2 en 3: De reiskosten worden begroot op € 12,00 in beroep en € 41,20 in hoger beroep.
Overweging 5, laatste volzin luidt: De totale proceskostenvergoeding is € 4.418,15.
De laatste volzin onder Beslissing luidt dan: - veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 4.418,15.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak 15/7965 WIA van 12 december 2018 als in de overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door M. Greebe, in tegenwoordigheid van P. Boer als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 maart 2019.
(getekend) M. Greebe
(getekend) P. Boer

IJ