Uitspraak
16.5075 WIA
OVERWEGINGEN
.Naar het oordeel van de rechtbank heeft het Uwv afdoende toegelicht dat de voor appellant geselecteerde functies in medisch opzicht passend zijn voor appellant.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, laatstelijk werkzaam als technicus, meldde zich ziek na een herseninfarct in 2012 en heeft een WIA-uitkering ontvangen met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 71,94%. Na herbeoordelingen en bezwaarprocedures stelde het UWV het verlies aan verdiencapaciteit vast op 67,98% en concludeerde dat appellant geschikt is voor bepaalde functies, waaronder heftruckchauffeur en magazijnmedewerker.
Appellant betwistte de medische beoordeling en stelde dat zijn beperkingen ernstiger zijn dan vastgesteld, onder meer vanwege vernauwde aders, COPD, krachtverlies en motorische beperkingen aan de rechterhand. De Raad liet aanvullend medisch onderzoek en arbeidsdeskundig onderzoek uitvoeren, waarbij de beperkingen werden aangescherpt in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 20 augustus 2018.
De arbeidsdeskundige concludeerde dat appellant met zijn beperkingen de geselecteerde functies kan vervullen. De Raad oordeelde dat het UWV het verlies aan verdiencapaciteit terecht heeft vastgesteld en dat het bestreden besluit ondanks een formele motiveringsgebrek in stand kan blijven. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit van het UWV wordt in stand gelaten en het verlies aan verdiencapaciteit vastgesteld op 67,98%.