ECLI:NL:CRVB:2019:868
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling stellen van aanvraag bijstand wegens niet overleggen gevraagde gegevens
Appellant diende op 8 januari 2016 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen. Het college verzocht appellant meerdere malen om aanvullende, objectieve en verifieerbare bewijsstukken, waaronder gegevens over de financiële situatie van zijn echtgenote en kinderen in Marokko. Ondanks hersteltermijnen, laatstelijk tot 17 maart 2016, verstrekte appellant niet alle gevraagde gegevens.
Het college stelde de aanvraag bij besluit van 21 maart 2016 buiten behandeling, een besluit dat na bezwaar op 10 oktober 2016 werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij voldoende gegevens had verstrekt en dat het college niet bevoegd was de aanvraag buiten behandeling te stellen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de gevraagde gegevens noodzakelijk waren voor de beoordeling van de aanvraag en dat appellant deze niet binnen de hersteltermijn had verstrekt. Ook het argument dat appellant niet over de gegevens beschikte en dit niet tijdig had gemeld, faalde. Het enkele feit dat appellant een groot aantal gegevens had verstrekt, deed niet af aan het ontbreken van essentiële informatie. De Raad bevestigde daarom de aangevallen uitspraak en het buiten behandeling stellen van de aanvraag.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig overleggen van gevraagde gegevens.