ECLI:NL:CRVB:2020:1360
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken procesbelang bij vrijwilligerswerkverplichting
Appellante was door het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen verplicht gesteld om twintig uur per week vrijwilligerswerk te zoeken. Deze verplichting werd gehandhaafd bij besluit van 13 oktober 2016. De rechtbank Limburg verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Inmiddels verricht appellante vrijwilligerswerk bij het Moedercentrum voor minimaal twaalf uur per week.
De Centrale Raad van Beroep moest beoordelen of appellante nog een procesbelang had bij het hoger beroep tegen de opgelegde verplichting. Volgens vaste jurisprudentie is procesbelang aanwezig indien het nastreven van het gewenste resultaat ook daadwerkelijk kan worden bereikt en betekenis heeft voor de indiener.
Tijdens de zitting gaf het college aan dat appellante sinds september 2019 de verplichting heeft om twaalf uur per week vrijwilligerswerk te verrichten en dat er geen sancties worden opgelegd voor het niet zoeken van vrijwilligerswerk. Appellante bracht geen belang meer naar voren bij de beoordeling van het hoger beroep.
Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees zij een veroordeling in proceskosten af. De uitspraak is in het openbaar gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.