ECLI:NL:CRVB:2020:1405
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- W.H. Bel
- K.M.P. Jacobs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor aanschaf auto wegens onvoldoende noodzaak
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn om bijzondere bijstand voor de aanschaf van een auto, met het argument dat deze noodzakelijk is voor zijn opleiding en toekomstige werk in het kader van re-integratie. Het college wees dit verzoek af omdat appellant gebruik kan maken van het openbaar vervoer en een auto niet noodzakelijk is voor zijn individuele vervoersbehoefte.
De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat een auto noodzakelijk is vanwege zijn opleiding en sollicitatieactiviteiten, maar heeft hij dit niet aannemelijk gemaakt. De Raad overweegt dat vervoerskosten tot de algemeen noodzakelijke kosten behoren die uit het bijstandsniveau moeten worden voldaan, ook al zijn de kosten van openbaar vervoer hoger dan die van een auto.
Verder is vastgesteld dat appellant bij een vriend woont en daardoor minder kosten heeft, waardoor hij geacht wordt voldoende inkomen te hebben om openbaar vervoer te betalen. De Raad ziet geen strijd met rechtsregels of algemene rechtsbeginselen in het besluit van het college en bevestigt daarom de eerdere uitspraak. Een veroordeling in proceskosten wordt niet toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van bijzondere bijstand voor de aanschaf van een auto wordt bevestigd.