ECLI:NL:CRVB:2020:155
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing IVA-uitkering wegens niet-duurzame volledige arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als distributiemedewerker, viel uit op 24 november 2014 door lichamelijke en psychische klachten. Het UWV stelde op 14 september 2016 een loongerelateerde WGA-uitkering vast met 100% arbeidsongeschiktheid, maar wees een IVA-uitkering af wegens gebrek aan duurzaamheid.
Appellant maakte bezwaar en beroep, waarbij medische rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen werden overlegd. De verzekeringsarts concludeerde dat beperkingen door ADHD en autisme duurzaam zijn, maar stemmingsklachten mogelijk verbeteren. Fysieke beperkingen werden deels als duurzaam beoordeeld.
De arbeidsdeskundige toonde aan dat er passende functies zijn binnen de beperkingen. De rechtbank en vervolgens de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam is in de zin van de Wet WIA en bevestigden het besluit van het UWV.
Er werd geen aanleiding gezien tot het benoemen van een onafhankelijke deskundige en het hoger beroep werd ongegrond verklaard. De proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Appellant komt niet in aanmerking voor een IVA-uitkering omdat zijn volledige arbeidsongeschiktheid niet duurzaam is vastgesteld.