Uitspraak
18.5902 WIA
OVERWEGINGEN
BESLISSING
A.T. de Kwaasteniet, in tegenwoordigheid van C.I. Heijkoop als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 juli 2020.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig grafisch afwerker, ontving een WIA-uitkering wegens gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Na een herbeoordeling in 2017 stelde het UWV het arbeidsongeschiktheidspercentage vast op 38,49%. Appellant maakte bezwaar en beroep, waarbij medische stukken werden overgelegd en een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige het oordeel bevestigden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de geselecteerde functies passend. Appellant stelde in hoger beroep dat de verzekeringsarts hem niet persoonlijk had onderzocht en dat het beginsel van equality of arms was geschonden omdat zijn medische stukken geen belastbaarheidsoordeel bevatten.
De Raad overwoog dat het UWV een zorgvuldig medisch onderzoek had verricht, waarbij ook pijn- en depressieve klachten waren betrokken. De verzekeringsarts was aanwezig bij de hoorzitting en had appellant onderzocht. Appellant had voldoende gelegenheid gehad om medische stukken in te dienen, en er was geen reden een onafhankelijke deskundige te benoemen.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het UWV voldoende had gemotiveerd dat de functies geschikt waren. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het arbeidsongeschiktheidspercentage van 38,49% en wijst het hoger beroep af.