ECLI:NL:CRVB:2020:1601
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellante, werkzaam als medewerkster keuken/restaurant, meldde zich in 2015 ziek met psychische klachten en verzocht in 2016 om een WIA-uitkering. Het UWV weigerde deze uitkering per 7 februari 2017 op grond van een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%, gebaseerd op medische en arbeidsdeskundige rapporten.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was en dat de geselecteerde functies medisch geschikt waren. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar belastbaarheid te hoog was ingeschat, dat zij ongeschoold was en de Nederlandse taal onvoldoende beheerst, en verzocht om een deskundige.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, dat er geen aanwijzingen waren voor geen benutbare mogelijkheden, en dat de arbeidsdeskundige beoordeling juist was. De culturele achtergrond en het verzoek om een deskundige werden niet gehonoreerd. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.