ECLI:NL:CRVB:2020:1698
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sollicitatieverplichting ondanks afstand tot arbeidsmarkt in WIA-re-integratievisie
Appellante, laatstelijk administratief medewerkster, ontving een WGA-vervolguitkering op grond van de Wet WIA vanwege gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Het UWV stelde op 23 mei 2017 een re-integratievisie op waarin een sollicitatieverplichting van vier maal per vier weken werd opgelegd. Appellante maakte bezwaar tegen deze verplichting, stellende dat haar grote afstand tot de arbeidsmarkt dit niet rechtvaardigde.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, stellende dat de sollicitatieverplichting niet hoger was dan de beleidsregels voorschrijven en dat het UWV voldoende had gemotiveerd. In hoger beroep voerde appellante aan dat het UWV ten onrechte geen rekening had gehouden met haar positie op de arbeidsmarkt en dat de motivatie ontbrak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat uit de re-integratievisie blijkt dat het UWV de afstand tot de arbeidsmarkt heeft meegewogen. Appellante heeft een mbo-plus niveau, relevante werkervaring en vaardigheden, waardoor passende parttime functies mogelijk zijn. De Raad volgt appellante niet in haar stelling dat de sollicitatieverplichting onredelijk is. De e-mail over het Werk Fit-traject biedt onvoldoende basis om de verplichting te verminderen.
De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen reden voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de sollicitatieverplichting van vier maal per vier weken blijft gehandhaafd.