ECLI:NL:CRVB:2020:1764
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, laatst werkzaam als medewerker groenvoorziening, meldde zich ziek met diverse klachten en ontving aanvankelijk een Ziektewetuitkering. Na een eerstejaars beoordeling beëindigde het UWV de uitkering omdat appellant meer dan 65% van zijn oude loon kon verdienen in andere functies. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen de besluiten.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de verzekeringsarts bezwaar en beroep appellant geschikt achtte voor de geselecteerde functies. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn klachten onvoldoende waren meegewogen en dat het UWV ondeugdelijk had gemotiveerd dat hij geschikt was voor zijn eigen werk.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat er geen reden was om aan de medische beoordeling te twijfelen. De Raad bevestigde dat de geselecteerde functies niet fysiek zwaar zijn en dat appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt verworpen; appellant is geschikt voor de geselecteerde functies en krijgt geen Ziektewetuitkering toegekend.