ECLI:NL:CRVB:2020:1957
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen besluit over daklozenuitkering zonder schriftelijke aanvraag
Appellant ontvangt sinds mei 2018 bijstand en stond ingeschreven op een uitkeringsadres. Na een melding dat appellant nauwelijks op dat adres verbleef, voerde het college van burgemeester en wethouders van Groningen een onderzoek uit, waarvan de bevindingen zijn vastgelegd in een rapport van september 2018. Het college heeft vervolgens de bijstand opgeschort en ingetrokken vanwege het niet naleven van de inlichtingenplicht door appellant.
Appellant maakte bezwaar tegen het rapport waarin werd gesteld dat hij niet in aanmerking komt voor een dak- of thuislozenuitkering. De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat appellant geen schriftelijke aanvraag voor een dergelijke uitkering heeft ingediend. Hierdoor kan het rapport niet worden aangemerkt als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
De mededeling van het college over de voorwaarden voor het verkrijgen van een daklozenuitkering wordt eveneens niet als een besluit beschouwd, maar als een informatieve mededeling zonder rechtsgevolg. Het hoger beroep van appellant wordt daarom afgewezen en de eerdere uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Tevens wordt het bezwaar van appellant tegen het rapport terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen omdat het rapport geen besluit is zonder schriftelijke aanvraag.