ECLI:NL:CRVB:2020:2223
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV en proceskostenveroordeling
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Het UWV heeft op 9 april 2020 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die volledig tegemoetkomt aan de bezwaren van appellante. Naar aanleiding hiervan heeft appellante het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling van het UWV.
De Centrale Raad van Beroep heeft op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) overwogen dat bij intrekking van het beroep vanwege tegemoetkoming door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener van het beroep in de kosten kan worden veroordeeld. De Raad heeft het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken in bezwaar, beroep en hoger beroep.
De proceskosten zijn begroot op € 525,- voor bezwaar, € 1.050,- voor beroep en € 787,50 voor hoger beroep, totaal € 2.362,50. Kosten voor juridische deskundige zijn niet toegewezen wegens onvoldoende specificatie. Vergoeding van het griffierecht kan appellante rechtstreeks bij het UWV claimen.
De uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen, in aanwezigheid van griffier K.R. van Renswoude, en uitgesproken in het openbaar op 16 september 2020.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken en het UWV is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante ter hoogte van € 2.362,50.