ECLI:NL:CRVB:2020:2556
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terugkomen op Wajong-besluiten wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante heeft meerdere keren een Wajong-uitkering aangevraagd en verzocht om terug te komen op eerdere afwijzingen uit 2008 en 2013. Het UWV heeft deze verzoeken telkens afgewezen, omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die een herziening rechtvaardigden.
De rechtbank Noord-Nederland heeft het beroep van appellante tegen het laatste besluit van het UWV ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelde dat de medische gegevens en andere stukken geen nieuwe feiten bevatten die de eerdere beslissingen zouden moeten wijzigen, en dat de zogenoemde Amber-regeling niet van toepassing was.
In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat haar ziekte zich sinds haar achttiende levensjaar aanzienlijk heeft ontwikkeld, maar de Raad stelde vast dat deze toename van klachten buiten de relevante periode valt en dat de stukken te laat zijn ingediend. De Raad vond geen aanleiding om het besluit als evident onredelijk te beschouwen of een deskundige in te schakelen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op eerdere Wajong-besluiten wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.