ECLI:NL:CRVB:2020:2910
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. De gemachtigde van appellant is tweemaal schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €131,-, met duidelijke termijnen voor betaling.
Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet tijdig voldaan. De Raad oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door A.M. Overbeeke, in aanwezigheid van griffier T. Hemelrijk-van den Oudenalder, en op 24 november 2020 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.