Uitspraak
18.63 WAJONG
7 december 2017, 17/4029 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
11 november 2016 heeft het Uwv de aanvraag afgewezen omdat appellante nu geen arbeidsvermogen heeft maar deze situatie niet duurzaam is.
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, die door het UWV is afgewezen omdat zij weliswaar geen arbeidsvermogen had, maar deze situatie niet duurzaam was. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat er nog behandelmogelijkheden waren voor haar aandoeningen, waaronder CVS.
In hoger beroep betoogde appellante dat het ontbreken van arbeidsvermogen wel duurzaam moest worden geacht en dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd welke behandelingen nog mogelijk waren. De Raad toetste dit en concludeerde dat het UWV het beoordelingskader correct had toegepast en dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep op een concrete en deugdelijke wijze had vastgesteld dat er nog behandelmogelijkheden zijn.
De Raad nam daarbij ook de door appellante overgelegde brief van haar psycholoog mee, die het standpunt van de verzekeringsarts bevestigde. Gezien deze feiten en de juridische kaders werd het hoger beroep afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is.