ECLI:NL:CRVB:2020:3101
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens niet-duurzaam ontbreken arbeidsvermogen
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering vanwege scoliose en psychische problemen. Het UWV heeft de aanvraag afgewezen omdat zij momenteel geen arbeidsvermogen heeft, maar deze situatie niet duurzaam is. Dit besluit werd bevestigd na bezwaar en door de rechtbank.
In hoger beroep betoogt appellante dat het UWV en de rechtbank ten onrechte concludeerden dat haar gebrek aan arbeidsvermogen niet duurzaam is, onder meer omdat er onvoldoende medische onderbouwing is en het beoordelingskader niet correct is toegepast. Zij verzocht ook om een onafhankelijk deskundige.
Het UWV stelde dat het beoordelingskader wel degelijk is gevolgd en dat haar psychische problematiek geen stabiel of progressief ziektebeeld is. De Raad oordeelt dat het onderzoek zorgvuldig is verricht, dat het dossier volledig is bestudeerd en dat appellante niet onder specialistische behandeling was. Het UWV heeft gemotiveerd dat zij in de toekomst werknemersvaardigheden kan ontwikkelen.
De Raad ziet geen aanleiding tot benoeming van een onafhankelijk deskundige en bevestigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. De afwijzing van de Wajong-uitkering blijft in stand omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is.
Uitkomst: De afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is.