ECLI:NL:CRVB:2020:362
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging zorgvuldig medisch onderzoek en beoordeling arbeidsongeschiktheid in Ziektewetzaak
Appellante was werkzaam als productiemedewerker en meldde zich ziek met rechterheupklachten en later psychische klachten. Het UWV beëindigde haar Ziektewet-uitkering omdat zij volgens medisch en arbeidskundig onderzoek meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze besluiten ongegrond, oordelend dat het UWV zorgvuldig onderzoek had verricht en de beperkingen van appellante adequaat waren vastgesteld. In hoger beroep bracht appellante geen nieuwe medische informatie in en herhaalde zij haar bezwaren tegen de zorgvuldigheid van het onderzoek.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank volledig. De Raad stelde vast dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de aan de beoordeling ten grondslag gelegde functies medisch geschikt waren voor appellante. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken worden bevestigd.