ECLI:NL:CRVB:2020:513
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlenging tijdelijke aanstelling wegens twijfel over functioneren
Appellante was vanaf 1 september 2016 tijdelijk aangesteld voor een jaar met uitzicht op een vaste aanstelling bij gebleken geschiktheid. Tijdens gesprekken en beoordelingen in 2017 werden ontwikkelpunten vastgesteld en werd het functioneren als onvoldoende beoordeeld, hoewel deze beoordeling niet formeel was vastgesteld.
Het college verlengde de tijdelijke aanstelling met zes maanden vanwege twijfel of appellante aan de redelijke eisen voldeed. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze verlenging ongegrond, omdat het functioneren nog niet op alle punten voldoende was en er dus ruimte voor twijfel bleef.
In hoger beroep voerde appellante aan dat de verlenging onvoldoende zorgvuldig en gemotiveerd was en dat de beoordeling niet integer was. De Raad oordeelde echter dat het college in redelijkheid tot het oordeel kon komen dat twijfel bestond, mede gelet op de gespreksverslagen en de beoordeling. De Raad sloot zich aan bij de rechtbank en verwierp het beroep.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De verlenging van de tijdelijke aanstelling met zes maanden wordt bevestigd vanwege redelijke twijfel over het functioneren.