ECLI:NL:CRVB:2020:639
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning loongerelateerde WGA-uitkering op grond van voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing
Appellant, die zich in januari 2015 ziek meldde met hartklachten, heeft een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend gekregen door het Uwv op basis van een functionele mogelijkhedenlijst en arbeidsdeskundig onderzoek.
Na bezwaar en beroep heeft het Uwv het besluit gehandhaafd, waarbij een aanvullende beperking wegens schouderklachten is opgenomen en de mate van arbeidsongeschiktheid licht is aangepast. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij zij de medische beoordelingen van het Uwv en de cardioloog van appellant afwoog en concludeerde dat de beperkingen juist waren vastgesteld en de geselecteerde functies passend waren.
In hoger beroep voerde appellant aan dat een lagere ejectiefractie van de linker hartkamer (41%) duidt op ernstiger beperkingen en dat de productienorm in de geselecteerde functies ongeschikt is vanwege het hoge handelingstempo. De Raad oordeelt dat de medische beoordeling van het Uwv, die meerdere cardiale parameters en rapporten in ogenschouw neemt, juist is en dat de functies passend zijn, ook gezien de beperkingen op het gebied van handelingstempo.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de toekenning van de loongerelateerde WGA-uitkering wordt bevestigd.