ECLI:NL:CRVB:2020:749
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Waarschuwing voor niet melden ontvangen schadevergoeding bij bijstandsverlening
Appellant ontving bijstand en kreeg later een schadevergoeding van ruim €21.000, waarvan hij het ontvangen bedrag niet meldde aan het college. Het college stelde een onderzoek in en concludeerde dat appellant de inlichtingenplicht had geschonden, maar dat het vermogen onder de vermogensgrens bleef, waardoor er geen benadeling was. Daarom legde het college een waarschuwing op in plaats van een boete.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze waarschuwing ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat de schadevergoeding niet van invloed was op zijn recht op bijstand en dat de waarschuwing daarom onbegrijpelijk en doelloos was. De Raad oordeelde dat het aan het college is om te beoordelen of de ontvangen vergoeding gevolgen heeft voor de bijstand en dat appellant redelijkerwijs had moeten begrijpen dat melding noodzakelijk was.
De Raad verwierp het beroep van appellant en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er was geen sprake van een benadelingsbedrag, waardoor het college bevoegd was een waarschuwing te geven. Het beroep op evenredigheid werd niet gevolgd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de waarschuwing voor het niet melden van de ontvangen schadevergoeding.