Uitspraak
20 1204 ZW
PROCESVERLOOP
.
Centrale Raad van Beroep
Appellante was werkzaam als chrysantenstekker en meldde zich ziek met psychische klachten. Het UWV stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat zij meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen en beëindigde haar ziekengelduitkering. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij het medisch onderzoek als zorgvuldig werd beoordeeld en de geschiktheid van geselecteerde functies werd bevestigd.
In hoger beroep voerde appellante aan dat het onderzoek onzorgvuldig was en onvoldoende rekening was gehouden met haar klachten en medicatie. De Raad volgde dit niet en onderschreef de motivering van de rechtbank. De medische belastbaarheid zoals vastgesteld in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) werd niet betwist door nieuwe medische gegevens.
De Raad concludeerde dat het UWV voldoende had gemotiveerd dat de geselecteerde functies medisch geschikt waren en dat er geen sprake was van overschrijding van de belastbaarheid. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de ziekengelduitkering na zorgvuldig onderzoek.