ECLI:NL:CRVB:2021:1305
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziekengeld op grond van zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellante, werkzaam als cateringmedewerkster, ontving ziekengeld op grond van de Ziektewet nadat zij zich ziek meldde wegens psychische klachten. Het Uwv beëindigde het ziekengeld per 14 november 2018 na een medisch onderzoek door een verzekeringsarts en een arts bezwaar en beroep, die concludeerden dat appellante geschikt was voor haar maatgevende arbeid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de artsen alle klachten, zowel lichamelijk als psychisch, hadden betrokken in hun beoordeling. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar klachten niet waren verminderd en dat zij niet in staat was haar werk te verrichten, maar bracht geen nieuwe medische informatie aan.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het Uwv terecht heeft vastgesteld dat appellante geschikt is voor haar arbeid. De Raad benadrukte dat de beperkingen van appellante medisch geobjectiveerd zijn en dat het medisch onderzoek voldoende gemotiveerd is. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld wordt bevestigd.