ECLI:NL:CRVB:2021:1477
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. De gemachtigde van appellant is bij brief en aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht van €131,- en de betalingstermijnen. Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet tijdig betaald.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder verdere inhoudelijke behandeling van het hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door A.M. Overbeeke, met K.R. van Renswoude als griffier, en op 22 juni 2021 in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.