Uitspraak
18.2621 WIA
OVERWEGINGEN
19 november 2015 een IVA-uitkering toe te kennen.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig jurist met een ernstige psychiatrische aandoening, verzocht om een IVA-uitkering met terugwerkende kracht vanaf de datum van zijn arbeidsongeschiktheid. Het Uwv kende aanvankelijk een WGA-uitkering toe en wees latere aanvragen voor een IVA-uitkering af, waarbij het standpunt was dat appellant niet duurzaam arbeidsongeschikt was vanwege behandelbare verslavingsproblematiek. Na een bezwaarprocedure wijzigde het Uwv het besluit en kende een IVA-uitkering toe vanaf 7 juli 2016.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, waarbij werd overwogen dat de verslavingsproblematiek bepalend was voor de prognose en dat het Uwv terecht de ingangsdatum van de IVA-uitkering had vastgesteld op 7 juli 2016. In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunt dat de uitkering met terugwerkende kracht vanaf de datum van toekenning van de WIA-uitkering moest ingaan.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het Uwv terecht een IVA-uitkering toekent met ingang van 19 november 2015, de datum van de eerdere aanvraag, en dat verdere terugwerkende kracht niet mogelijk is vanwege de formele rechtskracht van het eerdere besluit van 10 maart 2016. De Raad vernietigde het bestreden besluit voor zover het de ingangsdatum betrof, kende de IVA-uitkering toe vanaf 19 november 2015, en veroordeelde het Uwv in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Appellant krijgt een IVA-uitkering toegekend met ingang van 19 november 2015.