ECLI:NL:CRVB:2021:1682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding in sociale zekerheidszaak
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar het beroepschrift is niet tijdig ingediend. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken en gaat in na toezending van de uitspraak. De aangevallen uitspraak werd op 20 januari 2020 aan partijen toegezonden, terwijl het hoger beroepschrift pas op 6 januari 2021 bij de rechtbank en 7 januari 2021 bij de Raad werd ontvangen, en op 16 december 2020 ter post werd bezorgd.
Appellante voerde aan dat zij door COVID-19 maatregelen en persoonlijke omstandigheden niet eerder haar post kon ophalen en analfabeet is, waardoor zij afhankelijk was van derden. De Raad oordeelde echter dat dit geen grond is om het verzuim te verontschuldigen. Het risico van niet-tijdige indiening komt volledig voor rekening van appellante, die pro forma hoger beroep had kunnen instellen of derden had kunnen inschakelen.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk zonder verder onderzoek. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door D.S. de Vries en uitgesproken op 9 juli 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening van het beroepschrift.