ECLI:NL:CRVB:2021:2014
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag arbeids- en inkomensondersteuning Wajong na hersenletsel
Appellante vroeg arbeids- en inkomensondersteuning aan op grond van de Wajong, met beperkingen door niet-aangeboren hersenletsel na een aanrijding in 2005. Het UWV stelde beperkingen vast in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 2012, maar wees de aanvraag af omdat zij geacht werd meer dan 75% van het minimumloon te kunnen verdienen.
Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat haar cognitieve en vermoeidheidsproblemen onvoldoende waren meegenomen. Diverse deskundigen, waaronder neuropsychologen en verzekeringsartsen, brachten tegenstrijdige rapporten uit. De rechtbank bevestigde het UWV-besluit na een deskundigenonderzoek door neuroloog Kemperman.
In hoger beroep benoemde de Raad een onafhankelijke deskundige die dossieronderzoek deed en een nieuw neuropsychologisch onderzoek (NPO) initieerde. Deze concludeerde dat de beperkingen in de FML van 2012 adequaat waren en dat er geen aanwijzingen waren voor ernstiger cognitieve stoornissen.
Appellante stelde dat de deskundige haar zelf had moeten onderzoeken, maar de Raad oordeelde dat dossieronderzoek en aanvullend NPO voldoende waren gezien het retrospectieve karakter van de beoordeling. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot afwijzing van de Wajong-aanvraag wordt bevestigd.