ECLI:NL:CRVB:2021:2062
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid en toekenning WGA-uitkering
Appellant was tot juni 2015 werkzaam als slijper/ijzerwerker en meldde zich in oktober 2015 ziek met lichamelijke en psychische klachten. Na medisch onderzoek en een arbeidsdeskundig rapport werd zijn arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 70,83%, waarop het Uwv een loongerelateerde WGA-uitkering toekende.
Appellant maakte bezwaar tegen deze beslissing, stellende dat zijn beperkingen groter waren en dat de functie van machinaal metaalbewerker niet geschikt was vanwege het solitaire karakter. Het Uwv handhaafde het besluit na herbeoordeling door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig en het oordeel juist is, en dat de geselecteerde functies passend zijn, ook bij de zwaardere beperkingen. Het bezwaar over het solitaire karakter van de functie wordt verworpen omdat er altijd collega's of leidinggevenden in de nabijheid zijn.
De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten en bevestigt het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van 70,83% arbeidsongeschiktheid en de toekenning van de loongerelateerde WGA-uitkering.