ECLI:NL:CRVB:2021:2375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening besluit nabestaandenuitkering en afwijzing schadevergoeding
Appellante verzocht om herziening van een besluit uit 2009 waarbij haar nabestaandenuitkering werd beëindigd vanwege haar geboortedatum. Zij stelde dat zij in 1949 in plaats van 1945 was geboren, ondersteund door een Marokkaans vonnis. Dit verzoek werd afgewezen omdat geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren aangevoerd die het eerdere besluit onmiskenbaar onjuist maakten.
De Raad overwoog dat het eerdere besluit in 2012 al was beoordeeld en dat de bewijsstukken die appellante aanvoerde niet nieuw waren. Ook werd vastgesteld dat, zelfs als zij in 1949 was geboren, zij op het moment van het herzieningsverzoek de pensioengerechtigde leeftijd had bereikt en geen recht meer had op de nabestaandenuitkering.
Daarnaast werd het verzoek tot schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn afgewezen. De redelijke termijn vangt aan bij het indienen van het bezwaarschrift in oktober 2017, en op het moment van de uitspraak was deze termijn niet overschreden.
De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen.