ECLI:NL:CRVB:2021:2546
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening van bestuursrechtelijke uitspraak niet-ontvankelijk verklaard
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek tot herziening ingediend van een uitspraak van 22 augustus 2012. Hij stelde dat zijn medisch dossier onrechtmatig tot stand was gekomen en dat de psychiatrische beoordelingen onvolledig en oneerlijk waren geweest, hetgeen volgens hem leidde tot een onjuiste besluitvorming.
De Raad heeft het verzoek getoetst aan artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat herziening mogelijk maakt bij nieuwe feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. De Raad verwijst naar vaste jurisprudentie waarin is bepaald dat een verzoek om herziening van een eerder met toepassing van artikel 8:119 gewezen Pro uitspraak als zinloos wordt beschouwd en daarom niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
De Raad ziet geen aanleiding af te wijken van deze vaste jurisprudentie en verklaart het verzoek dan ook niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen op 14 oktober 2021.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vaste jurisprudentie en het ontbreken van nieuwe feiten.