ECLI:NL:CRVB:2021:2559
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. De Centrale Raad van Beroep heeft appellant bij brief en aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €270,- binnen een bepaalde termijn. Ondanks deze herinneringen is het griffierecht niet tijdig betaald.
De Raad oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder inhoudelijke behandeling van het hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door C.H. Bangma, in aanwezigheid van griffier D. van der Boom. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.