ECLI:NL:CRVB:2021:2638
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep in WAO-V zaak ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd door de Centrale Raad van Beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant het griffierecht niet had betaald en het hoger beroep te laat was ingediend.
Appellant stelde verzet in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring en voerde aan dat brieven van de Raad naar een verkeerd postbusnummer waren verzonden. Als bewijs overhandigde hij een enveloppe met een PostNL-sticker waarop een onjuist postbusnummer stond.
De Raad constateerde echter dat de brieven waarin appellant werd verzocht het griffierecht te voldoen en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam wel degelijk naar het juiste adres waren verzonden en niet retour waren gekomen. Appellant gaf geen andere redenen voor het niet voldoen van het griffierecht of de te late indiening van het hoger beroep.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het verzet ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter J.C. Boeree en griffier V.M. Candelaria op 22 oktober 2021.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.