ECLI:NL:CRVB:2021:2677
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV met toewijzing proceskosten
De appellant had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV inzake een WIA-uitkering. Tijdens de procedure heeft het UWV op 21 april 2021 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die volledig tegemoet kwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor heeft appellant het hoger beroep ingetrokken op 28 april 2021.
De Centrale Raad van Beroep heeft op basis van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) overwogen dat bij intrekking van het beroep vanwege tegemoetkoming door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van de appellant kan worden veroordeeld in de proceskosten. Het UWV had de kosten in de bezwaarfase reeds vergoed, zodat de Raad alleen oordeelde over de kosten in beroep en hoger beroep.
De Raad heeft het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant, begroot op in totaal €3.366,-, bestaande uit kosten voor het indienen van het beroepschrift, verschijnen ter zitting en het indienen van een reactie. Vergoeding van het griffierecht dient appellant rechtstreeks bij het UWV te vorderen.
De uitspraak is gedaan door F.M. Rijnbeek, in aanwezigheid van griffier H. Alajai, en uitgesproken op 20 oktober 2021.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €3.366,- aan proceskosten na intrekking van het hoger beroep wegens volledige tegemoetkoming.