Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
€ 2.992,-;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Verzoekster diende een aanvraag in voor een WIA-uitkering met als eerste ziektedag 20 februari 2008. Het UWV weigerde de uitkering omdat onvoldoende was aangetoond dat verzoekster arbeidsongeschikt was gedurende de vereiste periode. De verzekeringsarts bezwaar en beroep stelde beperkingen vast in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) en de arbeidsdeskundige concludeerde dat verzoekster geschikt was voor haar eigen werk als docent en enkele andere functies.
De rechtbank verklaarde het beroep van verzoekster ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat het eigen werk passend was. In hoger beroep betoogde verzoekster dat zij vanwege medische complicaties en medicatiegebruik niet in staat was haar werk als docent te verrichten, vooral vanwege buikdrukverhogende activiteiten.
De Centrale Raad van Beroep volgt de rechtbank in het oordeel dat het medisch onderzoek zorgvuldig is geweest en dat de beperkingen juist zijn vastgesteld. Echter, de Raad stelt vast dat het UWV onvoldoende heeft gemotiveerd dat het eigen werk als docent passend is, omdat een functiebeschrijving en belastingsanalyse ontbraken. De Raad vernietigt daarom het besluit en de uitspraak voor zover het eigen werk als passend werd beschouwd.
De Raad bevestigt dat de andere geselecteerde functies medisch passend zijn en dat verzoekster minder dan 35% arbeidsongeschikt is, waardoor geen recht op WIA-uitkering bestaat. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoekster.
Uitkomst: Het verzoek om WIA-uitkering wordt afgewezen omdat verzoekster minder dan 35% arbeidsongeschikt is, maar het besluit wordt vernietigd voor zover het eigen werk als passend werd beschouwd.