ECLI:NL:CRVB:2021:2745
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor printmonteurfunctie
Appellante was ziekgemeld en ontving een Ziektewetuitkering. Na een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek stelde het UWV vast dat zij per 10 mei 2017 geschikt was voor de functie van printmonteur conventioneel (SBC-code 111180), waarna de ZW-uitkering werd beëindigd. Appellante betwistte dit en voerde aan dat onterecht geen urenbeperking was gesteld.
De rechtbank wees het beroep van appellante af en stelde vast dat de beperkingen van appellante niet zodanig waren dat zij niet kon werken als printmonteur. Een door de rechtbank benoemde onafhankelijke deskundige bevestigde dat er geen medische noodzaak was voor een urenbeperking. Appellante voerde in hoger beroep dezelfde bezwaren aan, maar kon geen overtuigende argumenten aandragen tegen het oordeel van de deskundige en het UWV.
De Centrale Raad van Beroep volgde de rechtbank en het UWV, oordeelde dat de functie van printmonteur conventioneel passend is en dat het hoger beroep ongegrond is. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en het verzoek tot benoeming van een nieuwe onafhankelijke deskundige werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de ZW-uitkering per 10 mei 2017 wordt bevestigd.