ECLI:NL:CRVB:2021:3111
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat het griffierecht van €134,- niet binnen de gestelde termijn is voldaan, ondanks twee schriftelijke aanmaningen aan de gemachtigde van appellant.
Op grond van artikel 8:41 en Pro 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht is het betalen van griffierecht een vereiste voor ontvankelijkheid van het hoger beroep. De Raad concludeert dat appellant in verzuim is geweest met de betaling en dat het hoger beroep derhalve kennelijk niet-ontvankelijk is.
Er is geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door S.B. Smit-Colenbrander in aanwezigheid van griffier J.M. Labage en is openbaar uitgesproken op 9 december 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.