Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 3 oktober 2019 ongegrond;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 57,80.
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft studieschulden van ruim €100.000,- opgebouwd en verzocht om draagkrachtmeting en vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht. De rechtbank wees het verzoek om griffierechtsvrijstelling af en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat appellant het griffierecht niet betaalde.
In hoger beroep stelde appellant dat hij geen inkomen of vermogen had en dat de rechtbank ten onrechte zijn verzoek om vrijstelling had afgewezen. De Raad oordeelde dat appellant, die geen financiële band met Nederland heeft, volstaat met een eigen verklaring over zijn financiële situatie en dat de rechtbank ten onrechte het verzoek niet heeft gehonoreerd.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk onterecht. De Raad bevestigde echter dat het verzoek om draagkrachtmeting terecht was afgewezen omdat de achterstallige schuld al was ontstaan en draagkrachtmeting daarvoor niet meer mogelijk is volgens de Wsf 2000.
De minister werd veroordeeld in de proceskosten van appellant, maar vergoeding van griffierecht was niet aan de orde omdat appellant dit niet had betaald. De zaak werd zonder nadere behandeling aan de rechtbank terugverwezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep ontvankelijk, bevestigt de afwijzing van de draagkrachtmeting en veroordeelt de minister in de proceskosten.