ECLI:NL:CRVB:2021:3286
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar terugvordering college Zwolle
In deze zaak gaat het om het hoger beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van een bezwaarschrift van appellant tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Zwolle. Het college had op 5 augustus 2019 een bedrag van €6.102,02 teruggevorderd van appellant.
De kern van het geschil betreft de vraag of het besluit op regelmatige wijze aan appellant is aangeboden. Het college heeft het besluit aangetekend verzonden naar het juiste adres. Uit de verzendstatus blijkt dat de postbezorger op 6 en 7 augustus 2019 heeft geprobeerd de brief te bezorgen, waarna deze naar een PostNL-locatie is gegaan. Daar is de brief niet afgehaald en op 24 augustus 2019 retour gezonden aan het college.
De Raad acht het aannemelijk dat bij de pogingen tot bezorging een afhaalbericht is achtergelaten op het adres van appellant. Appellant heeft geen feiten aangevoerd die redelijkerwijs twijfel kunnen doen ontstaan over het achterlaten van deze afhaalberichten. De omstandigheid dat in een eerdere uitspraak sprake was van een aantekening “geen gehoor” op de enveloppe, leidt niet tot een ander oordeel omdat hier uit de verzendadministratie blijkt dat meerdere pogingen zijn gedaan.
Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak van de rechtbank Overijssel wordt bevestigd. Er wordt geen aanleiding gezien tot een kostenveroordeling.
Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het besluit rechtsgeldig aangetekend is verzonden en het afhaalbericht aannemelijk is achtergelaten.