ECLI:NL:CRVB:2021:3291
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoek WIA-besluiten wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, werkzaam geweest in een kippenslachterij, vroeg herziening van UWV-besluiten uit 2015 en 2016 betreffende zijn WIA- en Ziektewetuitkeringen. Het UWV wees dit verzoek af op grond van artikel 4:6 Awb Pro, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangetoond.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de medische informatie die appellant aanvoerde onvoldoende nieuw was en dat het UWV zorgvuldig had gehandeld. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het UWV ten onrechte geen aanvullende informatie had ingewonnen en dat de ernst van zijn klachten destijds niet juist was beoordeeld.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV bevoegd was het verzoek af te wijzen en dat de aangevoerde medische informatie geen aanleiding geeft tot herziening. De Raad bevestigt dat de weigering om terug te komen op de besluiten niet evident onredelijk is en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere besluiten van het UWV worden gehandhaafd.