ECLI:NL:CRVB:2021:3350
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens griffierecht
De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep van de erven van appellante tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland. De Raad had het hoger beroep eerder niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald.
Tijdens de behandeling van het verzet bleek dat het griffierecht wel was voldaan, waardoor het verzet gegrond werd verklaard. De eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Menzis, de wederpartij, was niet aanwezig bij de zitting waarin het verzet werd behandeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling ten aanzien van het verzet. De uitspraak is gedaan door rechter J.C. Boeree en griffier J. Oosterveen op 24 december 2021.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet.