ECLI:NL:CRVB:2021:582
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging toeslag ouderdomspensioen wegens pensioengerechtigde leeftijd partner
De Sociale verzekeringsbank (Svb) heeft op 13 februari 2017 besloten dat appellant vanaf 4 juli 2017 geen recht meer heeft op een toeslag op zijn ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW), omdat zijn partner op die datum de pensioengerechtigde leeftijd bereikte. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond.
Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat het beroep van appellant geen doel treft omdat het geschil zich beperkt tot het bestreden besluit, dat de beëindiging van de toeslag betreft vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd van zijn partner. Appellant voerde geen bezwaren aan tegen deze grondslag.
De Raad benadrukte dat het geschil niet kan worden uitgebreid tot andere onderwerpen, zoals de korting van 4% op het ouderdomspensioen, omdat deze buiten de reikwijdte van het bestreden besluit vallen. Er was geen aanleiding om het besluit onjuist te achten. De Raad wees het beroep af en bevestigde het besluit van de Svb.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant geen recht meer heeft op toeslag op zijn ouderdomspensioen vanaf 4 juli 2017.