Werknemer viel uit wegens psychische en lichamelijke klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 63,60% tot 15 mei 2017 en 100% daarna, maar werkgever maakte bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bestreden besluit gegrond vanwege onvoldoende gemotiveerd medisch onderzoek en onvolledige informatie, en beval een nieuwe beslissing. De Centrale Raad van Beroep oordeelt anders en stelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig en gemotiveerd is uitgevoerd, waarbij rekening is gehouden met bedrijfsartsinformatie en psychische klachten.
De Raad wijst erop dat de verzekeringsarts een concrete en deugdelijke afweging heeft gemaakt over de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid en dat behandelingen zoals mindfulness en CGT passend zijn. De Raad stelt vast dat de arbeidsongeschiktheid per 1 mei 2017 65,29% bedraagt en vanaf 15 mei 2017 100%, en verklaart het beroep tegen het eerste besluit gegrond en tegen het tweede niet-ontvankelijk. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van werkgever.