Uitspraak
21.102 PW-VV-PV, 21/101 PW-PV
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen af.
Centrale Raad van Beroep
Verzoeker heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Nunspeet een aanvraag ingediend voor een bijdrage op grond van de Bijdrageregeling minima en collectieve zorgverzekering 2018, specifiek voor de gemeentelijke afvalstoffenheffing. Het college heeft deze aanvraag buiten behandeling gelaten omdat verzoeker niet de vereiste gegevens, zoals bankafschriften en bewijsstukken van inkomen en vermogen, heeft overgelegd, ook niet na een hersteltermijn.
De rechtbank Gelderland heeft het beroep van verzoeker tegen dit besluit ongegrond verklaard. Verzoeker stelde in hoger beroep dat hij wel voldoende gegevens had verstrekt, maar de Raad oordeelde dat de enkele mededeling van een belastbaar inkomen van € 0,- en de vermelding van een banksaldo van meer dan € 6.020,- onvoldoende waren om de aanvraag te beoordelen.
De Raad bevestigde dat het college terecht op grond van artikel 4:5, eerste lid, aanhef en onder c, van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag buiten behandeling heeft gelaten. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek om een voorlopige voorziening werd eveneens geweigerd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De aanvraag om een bijdrage wordt buiten behandeling gelaten wegens het niet overleggen van noodzakelijke gegevens, het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.