Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
R.B.E. van Nimwegen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 26 januari 2021.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Verzoeker ontvangt sinds 1998 een bijstandsuitkering volgens de Participatiewet en wordt maandelijks een bestuursrechtelijke premie ingehouden vanwege wanbetaling van de zorgverzekering. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verklaarde het bezwaar tegen deze inhouding niet-ontvankelijk, waarna de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde.
In hoger beroep verzocht verzoeker om een voorlopige voorziening wegens het financiële effect van de inhouding. De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek niet voldoet aan de vereiste van een actueel spoedeisend belang. Verzoeker ontvangt een normuitkering, is verzekerd tegen ziektekosten en er is geen bewijs van dreigende schulden.
De voorzieningenrechter benadrukte dat de mogelijkheid tot voorlopige voorziening niet bedoeld is om de hoofdzaak te bespoedigen en dat het enkele feit van inhouding onvoldoende is voor spoedeisendheid. Het verzoek werd daarom afgewezen zonder zitting en zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van een actueel spoedeisend belang.