ECLI:NL:CRVB:2022:1215
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor stofferingskosten en huisstofmijtwerende matrashoezen bevestigd
Appellante heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van het stofferen van haar woning vanwege de huisstofmijtallergie van haar dochter, inclusief laminaat, behang, gordijnen en huisstofmijtwerende matrashoezen en kussenslopen. Het college wees de aanvraag af, behalve een beperkte vergoeding voor stoffering in de slaapkamer van de dochter.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat inrichtingskosten zoals stoffering in principe uit het inkomen moeten worden betaald of gereserveerd, tenzij bijzondere omstandigheden dit verhinderen. In deze zaak zijn geen bijzondere omstandigheden aangetoond die afwijken van dit uitgangspunt, mede omdat de vloerbedekking en het behang al 16 tot 20 jaar oud waren en vervanging voorzienbaar was.
Voor de huisstofmijtwerende matrashoezen en kussenslopen geldt dat deze kosten medische zorg betreffen en dat de Zorgverzekeringswet een passende en toereikende voorliggende voorziening is. Daarom kan op grond van de Participatiewet geen bijzondere bijstand worden verleend voor deze kosten.
Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag blijft in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag om bijzondere bijstand voor stofferingskosten en huisstofmijtwerende matrashoezen wordt bevestigd.