ECLI:NL:CRVB:2022:1452
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugwerkende kracht compensatietoeslag op grond van Wubo
Appellante, een nabestaande van een burgeroorlogsslachtoffer, maakte aanspraak op een compensatietoeslag voor de bijdrage zorgverzekeringswet op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Verweerder paste de uitkering aan met ingang van juli 2021 en kende een compensatie toe over de periode van juni 2016 tot en met juni 2021, maar wees een verzoek om terugwerkende kracht over een langere periode af.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat op grond van vaste rechtspraak aanspraken op financiële vergoedingen jegens de overheid na vijf jaar niet meer afdwingbaar zijn vanwege het rechtszekerheidsbeginsel. De Wubo bevat geen uitzonderingen op deze regel. Appellante voerde aan dat zij niet op de hoogte was van de toeslag, maar dit werd niet als bijzondere omstandigheid erkend.
Daarom is het bestreden besluit dat de compensatietoeslag slechts vijf jaar terugwerkende kracht kent, rechtsgeldig. Het beroep van appellante is ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de compensatietoeslag wordt slechts vijf jaar terugwerkende kracht toegekend.